Disclaimer:
Deze ABC over de zwangerschap belicht op luchtige wijze de ongemakken tijdens een zwangerschap en kraamtijd. Hoewel ik persoonlijk deze periode niet altijd zo geweldig vond is de uitkomst dat zeer zeker wel.
Anus: We beginnen luchtig met de A van Anus. Deze kan tijdens de bevalling ook behoorlijk geraakt worden maar gelukkig kan de gynaecoloog dat even checken door ook in dat gat nog een vinger te steken.
Bekkenbodem: Deze kan het zomaar begeven en zo zwaar verzwakken dat je voortaan alleen nog kunt niezen boven de wc. Dus rustig aan!
Copulatie: ”Het gaat er lekkerder in dan dat het eruit gaat.”
Diastase: Gapend gat waar voorheen de rechte buikspier ervoor zorgde dat je recht overeind kon komen.
Embryo: de naam voor het wezentje dat je misselijk en moe maakt tot ongeveer 8 weken.
Foetus: de naam voor het wezentje dat je misselijk en moe maakt vanaf ongeveer 8 weken.
Geschenk: ”Maar je krijgt er zoveel voor terug.”
Hormonen: Onredelijk kwaad geworden op je partner? Hormonen. Ben je huilend liefdesliedjes aan het meezingen in de auto? Hormonen. Veel te veel kleding gekocht voor je toekomstige oogappel? Gooi het gewoon op de hormonen. In die zin zijn ze best handig.
Inleiding: De uitdrijving van de baby in stroomversnelling.
Jeuk: Irritant kwaaltje.
Kraamverband: Soort dik maandverband dat ervoor moet zorgen dat alle slurrie die uit je stroomt netjes wordt opgevangen. Het enige probleem; ze plakken overal aan behalve aan je ondergoed en hebben zo hun manier om in de wc te vallen, uiteraard als je net geplast hebt. Dat betekent graaien in die pot want die dingen wil je niet in je riool hebben…
Lekken: Lekken uit allerlei plekken, dat is eigenlijk de kraamweek in het kort.
Moe & Misselijk: (Semi-)permanente staat van zijn tijdens (in elk geval) het eerste trimester.
Nesteldrang: Het hele huis moet spic en span voor de baby die niet veel verder komt dan de wieg en het verschoonkussen.
Ontsluiting: Grappig, (of dom) voor ik zwanger werd dacht ik dat je de ontsluiting zou kunnen zien als je je benen zou openen… Later begreep ik dat dit (natuurlijk) niet zo is maar dat daarvoor even gevoeld moet worden. Op het moment suprême realiseerde ik pas dat de verloskundige daarvoor behoorlijk diep moet zijn. Het beeld van een koe en een vee-arts met zo’n lange handschoen verscheen op mijn netvlies…
Peribottle: Flesje waarmee je lekker kunt spritzen en sproeien voor en tijdens het plassen zodat je niet helemaal in de fik staat tijdens die eerste dagen na de bevalling.
Qom ik nog op terug.
Ruggenprik: Heeft de potentie om alle ellende tijdens de bevalling een stuk plezanter te maken.
Stuwing: Als je borsten veranderen in een soort kloppende ballonnen die ook nog eens in brand staan.
Tepelhoedje: Ellendig siliconen flapje dat ervoor moet zorgen dat de baby goed drinkt uit de borst. (Overigens zijn de meningen hier over verdeeld.)
Uitscheuren: Vervelend maar minder erg dan het klinkt.
Voedingsbeha: Zou je beter ‘zoogcompressenhouder’ kunnen noemen aangezien de functionaliteit van het vasthouden of ondersteunen van de ‘buste’ ver te zoeken is.
Warmte/koude-kompressen: Koude kompressen voor op die brandende borsten, warme kompressen voor als je die melk even lekker wilt laten vloeien. Zo veelzijdig. Warmte kun je overigens ook geven met een pittenzakje. Nog zo’n voorwerp dat ik voor de zwangerschap nooit had gebruikt.
X-chromosoom: het enige geslachtschromosoom dat je als vrouw door kunt geven.
Y-chromosoom: het geslachtschromosoom dat de man door kan geven waardoor de baby ook man wordt. (Biologisch gezien dan in elk geval…)
Zaad: Daar is alle ellende toch mee begonnen.
Tot slot de Q van Quasi-verongelijkt: Want alle gekheid op een stokje, zodra je die kleine in je armen hebt maakt het, o zo’n cliché, allemaal niets meer uit.