Hij zou op Che Guevara lijken,
dat had hij immers gezegd.
Het moest allemaal nog maar blijken,
onder de stationsklok om kwart voor zes.

Een vlassig snorretje prijkt op de plek,
waar ik sexy stoppels had verwacht.
Zijn ongewassen haren zijn niet de woeste krullen,
die ik had bedacht.
Dunne witte armpjes,
geen gebronsd lijf met kracht.
Nee, nee, nee,
ik slaap alleen vannacht.